TPN-West sluit eerste Green Deal in Oost-Nederland

TPN-West sluit eerste Green Deal in Oost-Nederland

Nijmegenaren op weg naar klimaatbestendig, energieneutraal en circulair bedrijventerrein in 2030.

 

Tijdens een feestelijke nieuwjaarsbijeenkomst in De Vasim is de eerste Green Deal van Oost-Nederland gesloten op bedrijventerrein TPN-West in Nijmegen. De ondernemers, vertegenwoordigd door de bedrijvenvereniging, gemeenten Nijmegen en Beuningen, provincie Gelderland, HAN, VNO-NCW, The Economic Board en de Rabobank hebben samen getekend voor de duurzame ambitie waarin klimaatadaptatie, circulariteit en de energietransitie een plek krijgen. 

Namens The Economic Board tekende directeur Jan van Dellen de Green Deal. Hij roemde de ambitie van de betrokken ondernemers en gaf aan dat ook de omwonenden in Nijmegen en Beuningen baat gaan hebben bij de vergroening van de omgeving en de opwekking van duurzame energie, die in de toekomst gedeeld kan worden met de aangesloten woonwijken. Ook boardleden Rob Verhofstad (namens de HAN), Ilko Bosman (als regiovoorzitter van VNO-NCW) en John Brom (wethouder van Gemeente Nijmegen) tekenden de Green Deal.

Over TPN-West 

TPN-West is één van de grootste aaneengesloten bedrijventerreinen van Nederland, verenigd aan beide zijden van het Maas- en Waalkanaal in Nijmegen en Weurt. Het terrein is watergebonden, met een grote binnenhaven. Hier komen industrie, wonen en werken samen. Een plek waar economische ontwikkelingen hand in hand gaan met een duurzame toekomstvisie. TPN-West biedt ruimte aan ongeveer 450 bedrijven en levert werkgelegenheid aan ruim 9000 mensen. Het bedrijventerrein grenst aan de woonwijken in Nijmegen-West en Weurt. Daarom is er maximale aandacht voor een gezonde leef- én werkomgeving. 

Klimaatadaptatie 

  • Minimaal tien procent meer groen op het terrein 
  • Schaduwopbrengst vergroten en waterproblematiek verminderen 
  • Werken met klimaatbestendige proeftuinen (slimme waterberging, duurzame daken, groene gevels) 
  • Koelere parkeerruimtes, ruimte voor ontmoeting in de buitenlucht, vergroten biodiverseiteit 
  • Betrekken omwonenden bij herinrichting van het terrein 

Circulariteit 

  • Afname afvalhoeveelheid alle aangesloten bedrijven uiterlijk 2030 
  • Concrete projecten rondom piepschuim en hout 

Energietransitie 

  • Besparing hoeveelheid gebruikte energie met proactieve voorlichting en inzet van energiescans  
  • Campagnes voor meer zon op het bedrijfsdak.  
  • Smart Energy Hubs (SEH) te realiseren. 
    • SEH zijn slimme decentrale energiesystemen waar lokaal duurzame energie wordt geproduceerd, opgeslagen en toegepast. De uitdaging hierbij is om de vaak fluctuerende bronnen zoals zon, wind en biomassa en het gebruik van energie lokaal in evenwicht te brengen. Een goed functionerende SEH vermindert de druk op de netten, verlaagt de energiekosten, vergroot de betrouwbaarheid van de levering, en draagt sterk bij aan het emissievrij maken van al ons energieverbruik. Hierbij is het de bedoeling dat het overschot aan energie in de toekomst wordt teruggeleverd aan de naastgelegen bedrijven. Hiervoor moet een vorm van energieopslag, zoals batterijopslag of waterstof, worden gerealiseerd.  
  • 10 bedrijven aansluiten op het warmtenet van het tracé A-1.  
  • E-mobility stimuleren 
  • Publieke en private laadpleinen ontwikkelen 

Lees hier meer

Dit artikel delen

Connectr Shared Office in gebruik genomen op IPKW

Connectr Shared Office in gebruik genomen op IPKW

Clubhuis voor de energietransitie stimuleert ontmoeting en samenwerking

Op Industriepark Kleefse Waard is het Shared Office van Connectr in gebruik genomen. De nieuwe dynamische werkomgeving bevindt zich in het hart van het energy cluster voor ondernemers, kennisinstellingen en overheden die werken aan de energietransitie. Door deze partijen ook fysiek bij elkaar te brengen, kunnen kennis en ideeën makkelijk gedeeld worden, zodat innovaties versneld toegepast en opgeschaald kunnen worden.

 

Connectr Shared Office en Innovatielab

De nieuwe faciliteit biedt ruimte voor 100 flexibele werkplekken waar op basis van een abonnement gebruik van kan worden gemaakt. Samen met het Innovatielab, waarin ElaadNL dit jaar haar intrek al heeft genomen en waar eind 2023 anderen zullen volgen, is dit de plek om het energienetwerk te ontmoeten en kennis te maken met de nieuwste technologie.

Alle spelers in het energiecluster, een mix van startups, scale-ups, mkb, maatschappelijke organisaties, overheden en onderwijs kunnen hier fysiek bijeenkomen om samen te werken en elkaars groei te versnellen. Ook kunnen innovaties hier worden ontwikkeld en getest.

 

Eerste members aan de slag

 

Peter Molengraaf, boegbeeld van de Topsector Energie, heette samen met Kevin Rijke (directeur van IPKW), Murk Wymenga (architect van de Shared Office), Marcel Hielkema (bestuursvoorzitter van stichting Connectr en Jeroen Herremans (directeur Connectr) de eerste gebruikers welkom op hun nieuwe werkplek. Onder hen Ecovolt, Floading en SemperPower, die werken aan de drie sleuteltechnologieën die centraal staan bij Connectr; elektrische energietechniek, elektrochemische energieopslag en duurzame aandrijfsystemen. Deze sleuteltechnologieën komen wekelijks terug in de programmering van Shared Office. Ook netwerkpartijen zoals Kiemt, FME en SEECE hebben hun intrek genomen in Shared Office om direct in verbinding te komen met de nieuwste ontwikkelingen binnen de energietransitie.

“Voor jouw vraag die je hebt als ondernemer zit het antwoord links of rechts van je in de Shared Office. En aan de overkant is nog een plek vrij voor wie wil aansluiten!” (Jeroen Herremans, directeur Connectr)

 

Europese hotspot voor de energietransitie

Alle ingrediënten zijn aanwezig om van deze regio, met Arnhem als brandpunt ‘the place to be’ op energiegebied te maken. Arnhem kent van oudsher al een clustering van toonaangevende bedrijven en instellingen die zich bezighouden met de energietransitie en energie-infrastructuur. Deze uitgangspositie wordt nu verder versterkt omdat de regio met de komst van Connectr Shared Office en Innovatielab symbolisch én letterlijk een eigen plek krijgt om samenwerkingen te verdiepen en versnellen.

“Het belangrijkste is dat bedrijven en kennisinstellingen hier intensief gaan samenwerken. We hebben geen tijd om ieder voor zich het wiel uit te vinden. Het is wel de tijd dat we hardop durven zeggen dat Arnhem de elektriciteitshoofdstad van Nederland is. Niet omdat het die ambitie had, maar omdat van oudsher die bedrijven al hier gevestigd zijn. Dat geeft ook een grote verantwoordelijkheid in het versnellen de energietransitie. Als we daar gezamenlijk de schouders onder zetten, spint ook de regio daar garen bij. Net als vroeger.” (Peter Molengraaf, boegbeeld Topsector Energie)

 

Dit is Connectr
2030 is morgen. De energietransitie heeft een schaalsprong nodig, die vraagt om 
het versneld toepassen en opschalen van innovaties. Connectr zorgt daarvoor, met
behulp van een Innovatieprogramma, Innovatielab, Shared Facilities en de 
Kernorganisatie. Innovaties worden vanuit Connectr direct getest, gedemonstreerd
en in de praktijk gebracht. De kernorganisatie bestaat uit IPKW, Kiemt, Oost NL 
en de HAN. Ook Gemeente Arnhem, Provincie Gelderland en The Economic Board met het 
innovatienetwerk Lifeport zijn nauw betrokken. Al deze partijen slaan de handen 
ineen om de positie van Oost-Nederland als toonaangevende en innovatieve Europese 
regio te versterken.

Meer over Connectr

Dit artikel delen

Innovatieve reumazorg vermindert medicijngebruik

Innovatieve reumazorg vermindert medicijngebruik

Jaarcongres Maartenskliniek over Verder in Beweging

Het grootste centrum voor reumazorg in Nederland, de Sint Maartenskliniek in Nijmegen, doet vernieuwend onderzoek om met minder medicatie dezelfde zorg te bieden aan hun patiënten. Het resultaat is een gezondere patiënt tegen lagere medicijnkosten. Karen Bevers spreekt hierover tijdens Verder in Beweging 2022.

Lees meer

Aan energie en enthousiasme geen gebrek bij waterstofontwikkelingen

Aan energie en enthousiasme geen gebrek bij waterstofontwikkelingen

Vraaggesprek met Jochem Garthoff en Marieke Butterhoff

Als het gaat om de rol van waterstof binnen de energietransitie zijn er voldoende slimme denkers in Gelderland die partijen bij elkaar brengen en bedrijven adviseren. Twee van hen zijn Jochem Garthoff (programmamanager energietransitie) en Marieke Butterhoff (waardemaker, systeeminnovator en civic entrepreneur). Eva van Otterlo vroeg hen over de waterstofontwikkelingen in onze regio.

Lees meer
Radboudumc antibiotica

Computer bepaalt juiste dosering antibiotica voor IC-patiënten

Computer bepaalt juiste dosering antibiotica voor IC-patiënten

Intensive-carepatiënten krijgen vaak de verkeerde dosering antibiotica. Dat toont Eveline Wallenburg van het Radboudumc aan in haar proefschrift. Ze ontwikkelde daarom computermodellen die de juiste dosering bepalen. Dat valt te lezen in een persbericht van het universitair medisch centrum.

Moeilijke dosering

Infecties met bacteriën zijn een groot probleem bij intensive-carepatiënten. Maar liefst dertig procent van deze patiënten overlijdt. Daarom zijn antibiotica van enorm belang op de intensive care. Maar patiënten moeten natuurlijk wel de juiste dosering ontvangen. Een te lage dosering bestrijdt de infectie onvoldoende, terwijl een te hoge dosering gevaarlijke bijwerkingen kan hebben. Het probleem is dat de standaarddoseringen zijn gebaseerd op onderzoek bij gezonde vrijwilligers, of patiënten die niet op de intensive care zijn opgenomen.

Promovendus Eveline Wallenburg: “Intensive-carepatiënten zijn daarmee niet te vergelijken. Zo werken de nieren van deze patiënten vaak minder goed of juist te snel.” De nieren spelen een grote rol in het verwijderen van medicijnen uit het lichaam via de urine. Daarom heeft een verandering in nierfunctie grote invloed op de bloedspiegels van medicijnen, waaronder verschillende antibiotica. Wellicht hebben intensive-carepatiënten dus aangepaste doseringen nodig om de veiligheid en effectiviteit te waarborgen.

Standaarddosering te laag

Het onderzoek in Wallenburg’s proefschrift is gericht op het verbeteren van de dosering van drie veelgebruikte antibiotica op de intensive care. Hiervoor bepaalde ze bloedspiegels van deze antibiotica bij patiënten gedurende hun opname op de intensive care. Ook verzamelde ze andere informatie, zoals leeftijd, geslacht en nierfunctie. Wallenburg combineerde al deze gegevens in computermodellen.

Hieruit bleek dat de standaarddosering van twee van de onderzochte antibiotica vaak te laag was, vooral bij patiënten met te snel werkende nieren. “We zagen bijvoorbeeld dat met de standaarddosering slechts een paar procent van de patiënten voldoende hoge bloedspiegels van een antibioticum had”, zegt Wallenburg. “Deze patiënten zouden dus een veel hogere dosering moeten krijgen. Het model geeft op basis van een aantal gegevens van de patiënt ook een advies over de juiste dosering.”

Software voor de juiste dosering

De modellen worden nu verwerkt in software die geschikt is voor gebruik in de dagelijkse praktijk. Is het meten van bloedspiegels in de toekomst dan niet meer nodig? Wallenburg: “Meten is ook belangrijk, zeker bij patiënten die bijvoorbeeld een heel slechte of juist zeer snelle nierfunctie hebben. Ook bij patiënten die aan de nierdialyse liggen zijn de bloedspiegels moeilijk te voorspellen en moeten we dus meten. Bij een niet al te afwijkende nierfunctie zijn onze modellen echter wel al voldoende nauwkeurig voor gebruik in de praktijk.”

Meer over Health, Hightech, Food

Dit artikel delen

MRI-scanner bestralingsbolletjes

Levertumoren beter behandelen door live volgen bestralingsbolletjes

Levertumoren beter behandelen door live volgen bestralingsbolletjes

Door bestralingsbolletjes bij leverkanker live te volgen via een MRI-scanner kan de patiënt beter en op maat behandeld worden.

Voor het eerst is de injectie van radioactieve bolletjes voor bestraling van levertumoren live in beeld gebracht. Met een MRI-scanner is precies te zien of de bestralingsbolletjes bij de patiënt op de juiste plek in de tumoren terechtkomen.

Live aanpassen

Met de techniek is het mogelijk om in de toekomst de plaats van de injectie en de dosis per patiënt live aan te passen. Onderzoekers van het Radboudumc in Nijmegen hebben dit ontdekt en toegepast bij patiënten met leverkanker. De procedure is veilig en haalbaar.

Bereik je de juiste plek?

Bij tumoren in de lever krijgen patiënten soms radioactieve bolletjes ingespoten in de leverslagader. Die bolletjes lopen in de lever vast in de kleine bloedvaatjes die de tumoren van bloed voorzien. Vervolgens bestralen ze daar de tumoren van binnenuit. Deze therapie heet radio-embolisatie.

De bolletjes worden in het bloedvat gespoten via een katheter, die een arts plaatst op basis van een scan die een week van tevoren gemaakt is. Pas achteraf blijkt uit een nieuwe scan waar de bolletjes precies terecht zijn gekomen. Niet ideaal, aldus Joey Roosen, promovendus in het Radboudumc. “We zien soms dat we de tumoren onvoldoende hebben bereikt, maar we kunnen er op dat moment niets meer aan doen.”

Persoonlijk afgestemd

In de studie onder zes patiënten is geprobeerd om dit probleem op te lossen door de bolletjes bij het inspuiten live te volgen met een MRI-scanner. Roosen: “Hiermee kunnen we in vervolgstudies direct en persoonlijk afgestemd op de patiënt de katheter verplaatsen naar een ander bloedvat. Ook kunnen we de dosis aanpassen.”

Wereldwijde primeur

Het is de eerste keer wereldwijd dat radio-embolisatie onder beeldgeleiding is uitgevoerd in patiënten. De onderzoekers zagen tijdens de MRI-metingen dat 80 procent van alle gemeten tumoren nog niet vol zat met bolletjes. In die tumoren zou je daarom meer bolletjes dan gewoonlijk willen toedienen, zodat de behandeling verbetert.

Vervolgstudie

Het daadwerkelijke verplaatsen van de katheter en aanpassen van de dosis bolletjes dankzij de MRI-scanner gebeurt in een vervolgstudie, die inmiddels ook is gestart. Op termijn zou de procedure geschikt kunnen zijn voor elk ziekenhuis op de wereld met een MRI-scanner.

Meer over Health, Hightech, Food

Dit artikel delen

3d-klikgebit radboudumc

Voor het eerst 3D-geprint klikgebit in Nederland

Voor het eerst 3D-geprint klikgebit in Nederland

Het Radboudumc heeft een nieuwe methode ontwikkeld om een klikgebit te maken: het 3D-klikgebit. Het is voor het eerst in Nederland dat deze 3D-technieken worden toegepast op een gebit.

In Nederland dragen meer dan twee miljoen mensen een kunstgebit. Na verloop van tijd kan een kunstgebit los zitten en pijnlijk aanvoelen. Met dit nieuwe 3D-geprint gebit, dat op implantaten geklikt kan worden, is het makkelijker om de prothese te vervangen. Door volledig digitaal te werken is zo’n klikgebit maken een stuk eenvoudiger. Er wordt eerst een gezichtsfoto gemaakt. Vervolgens worden hierin de nieuwe tanden geprojecteerd. Tot slot wordt met een kleine fotocamera (ter grootte van een tandenborstel) digitale foto’s gemaakt en kan een digitaal model worden geconstrueerd.

In een ontwerpprogramma, ‘Smile Design’ , kan de vorm, kleur en stand van de tanden aangepast worden. Zo kan de patiënt zelf zien hoe het gebit er in zijn of haar gezicht uit komt te zien. Ook krijgt de patiënt deze applicatie mee op zijn of haar mobiele telefoon.  Als iedereen het met elkaar eens is, wordt het digitale ontwerp naar een CAD-CAM-freesmachine gestuurd, die de klikprothese zal uitfrezen. Dit is eigenlijk het 3D printen!

3D-klikgebit op maat

Als het ontwerp definitief is, worden de losse onderdelen gemaakt. De roze basis en de tanden worden los van elkaar gefreesd en daarna samengevoegd. Het klikgebit wordt dan opgeleverd. Uiteraard wordt dan met de patiënt gekeken of alles goed past.

Dankzij de methode van het Radboudumc zullen patiënten minder tandartsafspraken hoeven te maken en krijgen zij meer inbreng in hun nieuwe klikgebit. Daarnaast past het geprinte klikgebit nauwkeuriger in de mond en is het duurzamer om te maken. Het is minder arbeidsintensief en er wordt bespaard op materiaal en de kosten.

Meer over Health, Hightech, Food

Dit artikel delen

Waterstof-tanken-industrie

Waterstofeconomie biedt kansen voor mkb’ers in de maakindustrie

Waterstofeconomie biedt kansen voor mkb'ers in de maakindustrie

Het vinden van de juiste samenwerkingspartners is een belangrijk onderdeel van het vormgeven van de nieuwe waterstofeconomie. Dat besef leeft ook bij organisaties als RCT Gelderland, BOOST Circulair en Connectr – Energy Innovation. Zij sloegen de handen ineen om op Industriepark Kleefse Waard een bijeenkomst voor de maakindustrie te organiseren.

Lees meer

Wetenschappelijke inzichten koppelen aan praktische toepassingen

Wetenschappelijke inzichten koppelen aan praktische toepassingen

Om de duurzaamheidsuitdagingen aan te gaan is brede samenwerking vereist. Waarom? Omdat er veel zaken bijeen komen die allemaal urgent zijn. Dit stelt Rens Buchwaldt, lid van de Raad van Bestuur van Wageningen University & Research (WUR) en lid van The Economic Board.

Lees meer
1 2 3 5
Schrijf u in voor onze nieuwsbrief
TwitterLinkedInEmail